

De verspreiding van restanten zonnepanelen na een brand en de daarbij komende gezondheidsrisico’s zijn een sterk opkomend veiligheidsonderwerp voor veel belanghebbende partijen. En niet geheel onterecht volgens onze experts.
Zonnepanelen zijn misschien een aantrekkelijke keuze voor schone energie, maar ze bezitten hun aandeel aan giftige chemicaliën en zware metalen. Die giftige chemicaliën zijn een probleem aan het begin van de levensduur van een zonnepaneel, tijdens de bouw en aan het einde van de levensduur wanneer het wordt verwijderd. Of in het geval van brand. Dit zijn momenten waarop de giftige chemicaliën en zware metalen in het milieu kunnen komen.
Richard Bos, Directeur SGI Compliance Consultancy
Restanten zonnepanelen eindigen in de voedselketen
Wanneer bij een brand glasdeeltjes of schilfers, oftewel restanten van zonnepanelen vrijkomen, verspreiden deze deeltjes zich in de wijde omtrek. In de praktijk heeft dit bij een aantal zonnepanelen branden zich reeds bewezen. Doordat de glasdeeltjes en schilfers heel licht zijn worden ze meegenomen door de rookwolken. Het verspreidingsgebied is onder andere afhankelijk van de hoogte en de windsnelheid en kan zich kilometers ver in de omgeving uitstrekken.
De glasdeeltjes en schilfers komen uiteindelijk op de grond terecht en brokkelen vervolgens verder af. Vanaf dit moment hebben we te maken met 2 gezondheidsrisico’s:
- Zonnepanelen bevatten zware metalen, zoals lood en cadmium, maar ook giftige chemicaliën¹. We dienen te voorkomen dat deze chemicaliën op welke manier dan ook in ons milieu, zoals water en bodem, terecht komen.
- Komen deze glasdeeltjes en schilfers in weilanden terecht waar grazers rondlopen, dan bestaat de kans dat deze restanten worden opgegeten en maagbloedingen veroorzaken. De zware metalen in deze restanten komen vervolgens ook in de voedselketen terecht en vormen daardoor een gezondheidsrisico voor mensen.

Protocol “asbest na brand” is de meest verantwoordelijke aanpak
Als expert op het gebied van gevaarlijke stoffen en de beheersing ervan, adviseren wij als SGI Compliance dan ook om bij een zonnepalen brand zo snel als mogelijk een inventarisatie van het verspreidingsgebied, schoonmaak en eindcontrole op de schoonmaak te laten uitvoeren onder “asbestcondities”.
Het protocol “asbest na brand” hanteren bij een zonnepanelen brand is de meest verantwoordelijke aanpak. Op deze manier handelen we volgens zeer strenge veiligheidsmaatregelen met de intentie om de veiligheid voor mens en milieu zo goed mogelijk te waarborgen.
Aldus, Richard Bos
Calamiteitenservice SGI Compliance ingezet op zonnepanelen brand
Uit een inventarisatie die het IFV in december 2020 publiceerde, blijkt dat het aantal branden met zonnedaken op woonhuizen en bedrijfspanden toeneemt. In 2018 waren er 28 branden onder dergelijke installaties, in 2019 29 branden en in 2020 37 branden. Onze verwachting is dat deze getallen in 2021 zullen stijgen. Onze calamiteitenservice is in de afgelopen periode al meerdere malen ingezet bij zonnepanelen branden. Ons team van experts begeleidt vanaf dat moment in samenwerking met omgevingsdiensten en brandweer het volledige traject, waarbij we het getroffen gebied gaan inkaderen, coördineren van de opruimingswerkzaamheden en laten opleveren van een schoon gebied met behulp van een onder accreditatie uitgevoerde eindinspectie.
Ons calamiteitenteam is 24 uur per dag bereikbaar via 0800 – 247 0 247.

Landelijk protocol voor zonnepanelen brand
Op dit moment is er nog geen landelijk protocol inzake “Zonnepanelen na brand”. Hier zijn inmiddels wel al Kamervragen over gesteld, maar een protocol is er tot op heden nog niet. Tot die tijd is het raadzaam om het protocol “asbest na brand” te hanteren. Hierin is duidelijk gesteld wat er gedaan dient te worden na een asbestbrand en sluit het best aan op hetgeen we nu tegenkomen bij branden waarbij glasdeeltjes en schilfers (restanten) afkomstig van zonnepanelen over een wijde omtrek zijn verspreid.
¹ Giftige chemicaliën in zonnepanelen: De giftige chemicaliën in zonnepanelen zijn cadmium telluride, koper indium selenide, cadmium gallium (di)selenide, koper indium gallium (di)selenide, hexafluorethaan, lood en polyvinylfluoride. Bovendien is siliciumtetrachloride, een bijproduct van de productie van kristallijn silicium, zeer giftig.
